Eén kans op zes: de sparkling Spark book shows komen eraan…

Knipsel

Vandaag telefoon gekregen van Hilde, mijn uitgeefster bij uitgeverij Kramat. Het gebeurt niet zo vaak dat een uitgever zijn auteurs opbelt. Wanneer dit toch het geval is kan dit doorgaans maar twee dingen betekenen: de uitgever heeft zich van telefoonnummer vergist en was eigenlijk op zoek naar die bestsellerauteur om hem te feliciteren met die fantastische vijfde druk die er zit aan te komen. Ofwel heeft hij het juiste nummer gebeld en ben jij diegene die deze keer – tegen alle verwachtingen in – in de bloemetjes wordt gezet. Ze bleek zich niet van telefoonnummer te hebben vergist, dus hoopte ik stiekem op optie nummer twee. En – yesyesyes – ze meldde me dat er al vrij veel recensie-exemplaren de deur uit zijn gegaan. Wil dit zeggen dat het boek een goede verkoop tegemoet gaat? Bijlange niet! Zal het goed worden onthaald? Only God knows. Wil dit zeggen dat dit boek zal worden gelezen? Reken maar! En als schrijver is dat toch datgene waar het om draait, nee? Gelezen worden? Het zijn spannende tijden, nu ik weet dat mijn boek druppelsgewijs tot bij de lezers geraakt. Zaterdagochtend gaat de kop eraf met een eerste signeersessie in Standaard Boekhandel te Asse. Diezelfde avond hou ik mijn officiële boekpresentatie voor een zaal van zestig man. Ik heb me voorgenomen om ervan te genieten. Om te doen alsof dit mijn allerlaatste boek ooit is en dat ik maar beter het moment kan pakken nu het zich voordoet. Of ik er overmorgen nog hetzelfde over denk? Dat is een andere vraag. Maar goed… Wat is het ergste wat er kan gebeuren? Flauwvallen on stage? Geen probleem, er is een verpleegster in de zaal. Hartstilstand? Dat wordt een moeilijke… Misschien toch nog even snel mijn huisdokter uitnodigen dan?

 

DOOPSUIKER EN BESCHUIT MET MUISJES

53389255_619334828528881_2885035407962013696_nHoogzwanger, zo voel ik me. Onzeker, en dat zal zo blijven tot op het moment dat ik de baby in handen heb. Dat ik het papier zal kunnen ruiken, de kaft zal kunnen voelen en de cover eindelijk in print zal zien. Dat ik weet dat het goed is en dat niet alles één lange, mooie droom is geweest. Gisteren vernam ik  van uitgeverij Kramat dat ik morgen mijn auteursexemplaren mag verwachten. Nee, voor de bevalling van mijn eigen kinderen had ik geen zenuwen, het maakte mij absoluut niet uit wat anderen van mijn kind vonden. Zolang het maar gezond was en de bevalling goed verliep, dat was voldoende. Bij de geboorte van een boek voelt het toch wel even anders aan. Want een kind dat wordt geboren heeft enkel de liefde van zijn ouders nodig. Maar een boek wordt weerloos de wereld ingeworpen en moet zich schikken naar het vlijmscherpe lot dat kritische boekrecensenten ervoor hebben uitgestippeld. Het is afhankelijk van de goodwill van het lezerspubliek, dat hém – ja hém en niet die Amerikaanse bestseller die staat te glunderen in de rekken – mee naar huis wilt nemen. Een boek kan er prachtig uitzien bij de geboorte, maar toch een stille dood sterven, sneller dan voorzien, genadeloos neergesabeld en verguisd.

Ben ik dan niet blij dat alles morgen werkelijkheid wordt? Toch wel. Maar het maakt me ook wat melancholisch. Want het boek heeft lezers nodig om te overleven. Geen enkele auteur kan zonder een publiek. Vandaar, Lieve Lezer, deze warme oproep. Hou je van een spannend verhaal? Ben je op zoek naar een origineler geschenk dan bloemen wanneer je straks op visite gaat bij schoonma? Denk dan straks eens aan een alternatief. Denk dan eens even aan mij…

PS: De foto hierboven werd genomen door een fantastische fotograaf die de cover van MaryDes ‘nabouwde’. Dus ja, morgen wordt het echt de eerste keer dat ik het boek in handen zal hebben. Maar niet de laatste keer. Nooit de laatste keer…

KAN DE MICROFOON NOG GROTER?

Moetoen

Het zijn drukke tijden, maar niet geklaagd… Zo hebben we het graag. Gisteren werd ik uitgenodigd in de opnamestudio van Radio Moetoen voor een voorbereidend gesprek. We bespraken het interview dat zal worden uitgezonden op 22 april. En dus vroeg ik: ‘Hoe ver mag ik dan precies bij die – gigantische – microfoon vandaan zitten?’ Zegt Eric, de presentator: ‘Dat mag vrij dicht hoor, 10 à 15 cm.’ Heel dicht dus. Wederhelft was aanwezig want hij zal het eigenlijke interview filmen en wilde al eens testen. Eerlijk gezegd ben ik blij dat we die kans kregen. Want als ik naar de eerste beelden kijk, lijkt er aan mijn kin wel een dikke, vette zwarte sik te hangen. Ja, toch? Maar Wederhelft kent zijn job en had de spelbreker al voor mij gespot. Hij veranderde zijn cameraperspectief, en hielp zo elke vergelijking met Conchita Wurst uit de wereld.

Het was een fijne avond bij Radio Moetoen, en dat om twee zeer uiteenlopende redenen. Ten eerste omdat ze me voorstelden om passages uit mijn boek op de radio te komen voorlezen. Iets wat ik nooit heb gedaan, maar wat me echt heel leuk lijkt. Dat wordt dus een volmondige ‘yes’. En ten tweede… Een vriend van ons is zanger van de coverband ‘Ontpopt’. We hadden al vernomen dat hij ook naar Radio Moetoen zou komen voor een interview, maar we wisten niet precies wanneer. We hadden hem in tijden niet meer gezien. Dus ik vraag langs mijn neus weg aan de presentator: ‘Is Jurgen van ‘Ontpopt’ al langs geweest?’ Eric: ‘Ja, die komt straks! Binnen een half uurtje.’ Geweldig! dacht ik. Hoe groot is de kans dat wij elkaar hier tegenkomen? Of is het karma? Hoedanook, we moesten Jurgen verrassen en betrokken de presentator in het complot. Dus toen Jurgen was aangekomen en door Eric naar de studio werd geleid, hielden wij ons verscholen in de opnamestudio. Ik zat achter de microfoon en Wederhelft hield de camera gericht op de deur. Die ging open en we horen Eric zeggen: ‘Ga maar naar binnen, Jurgen.’ Je kan je diens verbazing al inbeelden toen hij zag dat er een camera op hem gericht was terwijl een overenthousiaste Spark kermisgewijs in de microfoon riep: ‘Daar is-ie beste mensen, de zanger van de fantastische band Ontpopt. Geef hem een staande ovatie.’ Hij vroeg: ‘Wat doen jullie hier?’ Ik wees naar de prachtige boekcover die MaryDes voor ‘Eén kans op zes’ maakte en die op een poster aan de muur prijkte. Toen ging hem een lichtje branden.

Het was een heel fijn weerzien. En ik geef het jullie op een briefje. Toeval bestaat niet.